U bevindt zich hier: Home > Wonen en Leven > Werk en inkomen > Participatiewet

Participatiewet

Wet werk en bijstand vervangen door Participatiewet

Per 1 januari 2015 is de Wet werk en bijstand (WWB) vervangen door de Participatiewet. De gemeente voert de wet uit. Hieronder leest u de belangrijkste wijzigingen over de:

  • kostendelersnorm
  • wijzigingen voor alleenstaande ouders
  • strengere verplichtingen.

Kostendelersnorm

Mensen die samen in een huis wonen, hebben gezamenlijke kosten van de huishouding. Hierdoor zijn de kosten voor het huishouden per persoon lager, dan als je alleen woont. Bij het toekennen van een uitkering, wordt niet langer gekeken naar de individuele situatie, maar naar de situatie van uw huishouden. Op basis van die situatie wordt vastgesteld welk bedrag u nog nodig heeft. Gevolg is dat inwoners van 21 jaar of ouder die met andere volwassenen in één woning wonen, een lagere uitkering krijgen. Vindt 1 van u werk? Dan gaan de overige uitkeringen in het huishouden niet naar beneden. Werk moet wel lonen. Dit is de kostendelersnorm.

De volwassenen waarmee u de woning deelt, kunnen familie, vrienden of kennissen zijn. Het maakt niet uit waarom u met deze mensen de woning deelt. Het maakt ook niet uit hoeveel zij verdienen. Het aantal mensen met wie u het huis deelt, is wel belangrijk. Hoe meer personen van 21 jaar of ouder er met u op hetzelfde adres wonen, hoe lager uw uitkering.

Niet iedere volwassene telt mee

Sommige volwassenen tellen niet mee voor de kostendelersnorm. Dit zijn:

  • Jongeren tot 21 jaar
  • Kamerhuurders en kostgangers met een commercieel contract en die een normale commerciële prijs betalen
  • Studenten die:
    -     een opleiding volgen die recht kan geven op studiefinanciering of tegemoetkoming studiekosten
    -     een Beroeps Begeleidende Leerweg volgen (BBL-studenten).

Kreeg u op 31 december 2014 een bijstandsuitkering en woont u met één of meer personen in hetzelfde huis? Dan verandert er voorlopig niets, tenzij er wijzigingen in uw woonsituatie zijn. Vanaf 1 juli 2015 krijgt u een lagere uitkering. Hierover ontvangt u te zijner tijd meer informatie.

Bent u alleenstaand, een alleenstaande ouder of gehuwd en bent u na 1 januari met één of meer personen in hetzelfde huis gaan wonen? Dan krijgt u direct te maken met de kostendelersnorm. Wij beoordelen welke gevolgen de wijziging heeft voor uw uitkering. Geeft  u de wijziging in uw persoonlijke situatie direct door met het wijzigingsformulier. U kunt het formulier ook opvragen bij het Serviceplein in Alphen aan den Rijn op telefoonnummer 14 0172. Zo voorkomt u dat wij u een boete moeten opleggen.

Wijziging voor alleenstaande ouders

Ontvangt u een bijstandsuitkering en bent u een alleenstaande ouder? Dan ontvangt u vanaf 1 januari 2015 een lagere uitkering. Dit komt omdat u een hoger bedrag krijgt van de Belastingdienst voor de kosten voor kinderen. Ook is er per 1 januari 2015 een speciale toeslag voor alleenstaande ouders zonder toeslagpartner, de 'alleenstaande ouderkop’. U ontvangt dit bedrag vanzelf via de Belastingdienst.

Uitzonderingen

Woont u bij uw ouder(s)? Verblijft uw huwelijkspartner in een verpleeginrichting of in de gevangenis? Of is uw huwelijkspartner met onbekende bestemming vertrokken? Dan heeft u volgens de belastingregels een toeslagpartner en komt u niet in aanmerking voor de 'alleenstaande ouderkop’ van de Belastingdienst. In dat geval wordt uw uitkering pas op 1 januari 2016 verlaagd. U heeft hierdoor meer tijd om zich voor te bereiden op een lager inkomen.

Strengere verplichtingen

In de nieuwe Participatiewet zijn de arbeidsverplichtingen hoger dan in de Wet werk en bijstand (WWB). Het gaat erom dat iedereen zich inspant om (betaald) werk te vinden. Vanaf 2015 bent u verplicht om sneller een baan te accepteren. Ook als dat betekent dat u daarvoor bijvoorbeeld lang moet reizen. Daarnaast wordt van u verwacht, dat u geen dingen doet die het vinden van een baan moeilijker maken. Als u dit toch doet heeft dat gevolgen voor de hoogte van uw uitkering.

Wie de arbeidsverplichtingen en afspraken met de gemeente niet nakomt, krijgt een maatregel. Dat betekent tijdelijk een lagere uitkering of helemaal geen uitkering. De gemeente is verplicht deze maatregelen uit te voeren, tenzij er heel bijzondere omstandigheden zijn waardoor iemand buiten zijn of haar schuld de verplichtingen niet kan nakomen. Dit bepaalt de gemeente.